Veel studenten hebben moeite hebben met het juist vermelden van bronnen in hun tekst. Maar als je online zoekt naar uitleg hierover, dan vind je vaak óf technische en moeilijk doorzoekbare websites, óf uitleg over hoe je een literatuurlijst opstelt. Dat helpt dan ook niet bepaald.

Daarom heb ik hieronder zo’n beetje alle belangrijkste regels met concrete voorbeelden gezet, om via de APA-stijl (7e editie) bronnen in je tekst te vermelden.

Sommige opleidingsinstellingen hanteren net iets andere wijzen van vermelden, er zijn namelijk ook verschillende APA-stijlen. Het allerbelangrijkst is dat je je bronnen consistent vermeld, oftewel: altijd op dezelfde manier.

Heb je moeite met het vinden en beoordelen van (wetenschappelijke) bronnen? Check dan deze uitleg en voorbeelden.

Werk je liever met een digitale handleiding?
Download
hier de TMH APA-Gids voor Beginners.  

 Tip: zoek 2 of 3 wetenschappelijke artikelen (dus: gepubliceerd en peer reviewed) uit jouw vakgebied op die ook de APA-stijl gebruiken, en gebruik die als voorbeeld.

ALGEMENE RICHTLIJNEN


./, | Punt/komma

Zet de bronvermelding altijd vóór de punt of komma, niet erna. Dus wel (Smith, 2015), en niet zo. (Smith 2015).


Algemeen idee

Bij het algemene idee van een boek, artikel of model, volstaat de vermelding van de auteur(s) en het jaartal, bijvoorbeeld: (Brown, 2014).


Auteur noemen

Je kan de auteur ook noemen in je tekst, dus buiten de haakjes: Volgens Johnsson (1998) …. Dit is vaak geschikter wanneer het gaat om een mening op opvatting van de auteur, in plaats van een onbetwistbaar feit. Door de auteur zo te noemen, en niet enkel achteraan de zin je bronvermelding te plaatsen, maak je net iets duidelijker dat een idee afkomstig is van deze specifieke auteur(s).


Et al.

Et al staat voor Et alii – dit is een Latijnse uitdrukking en staat voor “en anderen”. Achter et al. komt bij een bronvermelding altijd een punt. Bij de nieuwste, zevende editie van APA komt bij de eerste vermelding en verder: enkel de naam van de eerste auteur, gevolg door et al.


Literatuurlijst

Alle bronnen die in je tekst voorkomen, moeten ook in je literatuurlijst voorkomen.


Meerdere auteurs

Wanneer je meerdere auteurs buiten haken noemt, dan schrijf je dit met “en”: Brown en Blue (2011). Wanneer je meerdere auteurs binnen de haken noemt, dan doe je dit met een &-teken (Brown & Blue, 2011).


Meerdere bronnen

Door je punt of argument te onderbouwen met meerdere bronnen, maak je dit doorgaans betrouwbaarder. Schrijf je bronnen op, op alfabetische volgorde van de achternamen van de auteur, gescheiden met een puntkomma.


Paginanummers

Bij een specifiek idee of specifieke informatie uit een boek, artikel, of model, vermeld je ook het/de paginanummer(s). Dit doe je met de “p.” van pagina (Brown, 2014, p.21) of “pp.” voor meerdere pagina’s (Brown, 2014, pp. 21-24).


Parafraseren

Je kunt ook iets wat een auteur zegt, verwoorden in je eigen woorden, zonder aanhalingstekens. Dit zal in je scriptie veel voorkomen, en heet parafraseren. Bij parafraseren gebruik je geen aanhalingstekens. Neem bijvoorbeeld onderstaand citaat:

“Kenmerkend voor wetenschappelijke teksten is dat er veel bronverwijzingen in staan, in ieder geval in de vorm van een bibliografie, maar ook vaak in de vorm van noten (RUG, 2015)."

Dit kan dan, bijvoorbeeld, worden:

Wetenschappelijke teksten worden gekenmerkt door veel bronverwijzingen (RUG, 2015).

AUTEURS EN PUBLICATIES 

Hieronder heb ik een reeks ‘situaties’ uitgewerkt, oftewel momenten dat je bronnen moet vermelden. Ik leg per situatie uit hoe dit werkt, en geef hier voorbeelden bij.


ALGEMEEN
Eén auteur

Eerste vermelding in tekst

  • Volgens Jansen (2015) …
  • Volgende vermeldingen in tekst
  • Volgens Jansen (2015) …
  • Eerste vermelding tussen haakjes
  • … (Jansen, 2015)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • … (Jansen, 2015)


Toelichting:

  • Zet de bronvermelding altijd vóór de punt of komma, niet erna. Dus wel (Smith, 2015), en niet zo. (Smith 2015).
  • Bij het algemene idee van een boek, artikel of model, volstaat de vermelding van de auteur(s) en het jaartal, bijvoorbeeld: (Brown, 2014).
  • Je kunt de auteur ook noemen in je tekst, dus buiten de haakjes: “Volgens Johnsson (1998)”. Dit is vaak geschikter wanneer het gaat om een mening op opvatting van de auteur, in plaats van een onbetwistbaar feit. Door de auteur zo te noemen, en niet enkel achteraan de zin je bronvermelding te plaatsen, maak je net iets duidelijker dat een idee afkomstig is van deze specifieke auteur(s).
  • Bij een specifiek idee of specifieke informatie uit een boek, artikel, of model, vermeld je ook het/de paginanummer(s). Dit doe jet met de “p.” van pagina (Brown, 2014, p.21) of “pp.” voor meerdere pagina’s (Brown, 2014, pp. 21-24).


Twee auteurs

Eerste vermelding in tekst

  • …, aldus Bos en Hiddema (2012)

Volgende vermeldingen in tekst

  • …, aldus Bos en Hiddema (2012)

Eerste vermelding tussen haakjes

  • … (Bos & Hiddema, 2012)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • … (Bos & Hiddema, 2012)

Toelichting: Wanneer je meerdere auteurs buiten haken noemt, dan schrijf je dit met “en”: Brown en Blue (2011). Wanneer je meerdere auteurs binnen de haken noemt, dan doe je dit met een &-teken (Brown & Blue, 2011).

Drie tot vijf auteurs

Eerste vermelding in tekst

  • Chomsky et al. (2016) beweren dat …

Volgende vermeldingen in tekst

  • Chomsky et al. (2016) beweren dat …

Eerste vermelding tussen haakjes

  • … (Chomsky et al., 2016)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • … (Chomsky et al., 2016)

Toelichting: Et al staat voor Et alii – dit is een Latijnse uitdrukking en staat voor “en anderen”. Achter et al. komt bij een bronvermelding altijd een punt. Bij eerdere APA-versies worden de auteurs de eerste keer in de tekst deels of allemaal uitgeschreven.


Zes of meer auteurs

Eerste vermelding in tekst

  • Meli et al. (2007) zijn van mening …

Volgende vermeldingen in tekst

  • Meli et al. (2007) zijn van mening …

Eerste vermelding tussen haakjes

  • … (Meli et al., 2007)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • … (Meli et al., 2007)


Groep auteurs met
identificeerbare afkorting

Eerste vermelding in tekst

  • Rijksuniversiteit Groningen (RUG, 2010)
  • Volgende vermeldingen in tekst
  • RUG (2010) kondigt aan dat...

Eerste vermelding tussen haakjes

  • (Rijksuniversiteit Groningen [RUG], 2010)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • (RUG, 2010)

 

Groep auteurs zonder
identificeerbare afkorting

Eerste vermelding in tekst

  • Universiteit Nijenrode (2011)

Volgende vermeldingen in tekst

  • Universiteit Nijenrode (2011)

Eerste vermelding tussen haakjes

  • (Universiteit Nijenrode, 2011)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • (Universiteit Nijenrode, 2011)


Meer dan één auteur met zelfde naam

Wanneer auteurs dezelfde achternaam hebben, kun je de voorletters van de auteur gebruiken om het onderscheid aan te geven.

  • A.J. Smith (2013) en D. Smith (2014)
  •  (A.J. Smith, 2013; D. Smith, 2014)


Meer dan één publicatie van auteur
in hetzelfde jaar

Wanneer auteurs in hetzelfde jaar meerdere publicaties hebben gedaan, dan kun je deze op chronologische volgorde voorzien van een ‘a’, ‘b’, etc. Zo is altijd duidelijk naar welke publicatie je dan precies verwijst.

Deze letters neem je ook over in je literatuurlijst.

  • Johnsson (1993a)
  • (Johnsson, 1993a)

Of

  • Johnsson (1993a; 1993b; 1993c)
  • (Johnsson, 1993a; Johnsson, 1993b; Johnsson, 1993c)


Meerdere bronnen

Eerste vermelding in tekst

  • Volgens Anten (2010), Jansen (2009) en Zacharias (2011) …

Volgende vermeldingen in tekst

  • Volgens Anten (2010), Jansen (2009) en Zacharias (2011) …

Eerste vermelding tussen haakjes

  • … van meerwaarde is (Anten, 2010; Jansen, 2009; Zacharias, 2011)

Volgende vermeldingen tussen haakjes

  • … van meerwaarde is (Anten, 2010; Jansen, 2009; Zacharias, 2011)

Toelichting: Door je punt te onderbouwen met meerdere bronnen, maak je het punt doorgaans betrouwbaarder. Schrijf je bronnen op, op alfabetische volgorde van de achternamen van de auteur, gescheiden met een puntkomma.


Zonder/onbekende datum

Wanneer de publicatiedatum onbekend is of ontbreekt, vervang je het jaartal door “z.d.” – dit staat voor “zonder datum”.

  • Universiteit Nijenrode (z.d.)

Of

(Universiteit Nijenrode, z.d.)

 BIJZONDERE BRONNEN

Persoonlijke communicatie: e-mails, memo’s, interviews, telefoongesprekken, brieven, privégesprekken, etc.

Er bestaan verschillende vormen van ‘persoonlijke communicatie’ in APA: e-mails, memo’s, telefoongesprekken, persoonlijke interviews, brieven, privégesprekken, etc. Deze bronnen worden wel in je tekst, maar niet in je literatuurlijst opgenomen. (Persoonlijk vind ik dit helemaal niet handig, maar zo werkt APA nu eenmaal.)

Als je bijvoorbeeld interviews in de bijlage hebt staan, dan kun je achter de bronvermelding zoiets zetten als ‘(zie Bijlage 4)’.

  • D.L. Goudswaard (persoonlijke communicatie, 15 september, 2016)

of 

  • (D.L. Goudswaard, persoonlijke communicatie, 15 september, 2016)


Internetbronnen

Gebruik de naam van de auteur als je die kunt vinden, en anders de naam van de organisatie. In de tekst schrijf je de titel van het document/artikel, gevolgd door het jaartal.

Bij bronnen van het internet, wanneer deze door de tijd heen kunnen veranderen, dien je in de literatuurlijst de ophaaldatum aan te geven.

  • Volgens Zakaria (2016)
  • (Zakaria, 2016)

of

  • Volgens CNN (2016) …
  • (CNN, 2016)


Wanneer de auteur onbekend is, gebruik dan de titel. Gebruik een verkorte versie van de titel, als de titel lang is.

  • (“Donald Trump wins election”, 2016)

Gebruik wanneer je citeert, als dit mogelijk is en het paginanummer ontbreekt, een paragraafaanduiding met de afkorting “para.”.

  • (“Donald Trump wins election”, 2016, para. 4)

Wanneer je verwijst naar een website in het geheel, kun je het adres tussen haakjes plaatsen.


Bijlagen, afbeeldingen, figuren, tabellen

Bijlagen, afbeeldingen, figuren en tabellen worden per type voorzien van een nummer, en worden met hoofdletter genoemd in je tekst.

Afbeeldingen, figuren en tabellen staan altijd in dienst van je tekst: hier dien je altijd naar te verwijzen, en deze in de tekst uit te leggen.

  • Zoals te zien is in Afbeelding 3, …
  • … (zie Bijlage 4)

CITEREN


Bij een citaat ná een dubbele punt, komt het aanhalingsteken ná de punt. Dus: “op deze manier.”

Bij een enkel woord of gezegde is geen dubbele punt nodig. Dan komt het aanhalingsteken vóór de punt, “zo dus”.

Een citaat schrijf je nooit cursief (tenzij het een andere taal betreft dan die waarin je schrijft).

Hieronder staan de belangrijkste onderdelen van citeren volgens APA, met daarbij uitleg en voorbeelden.

Citaat na dubbele punt

Bij een citaat ná een dubbele punt, komt het aanhalingsteken ná de punt. Dus: “op deze manier.”


Citaat zonder dubbele punt

Bij een enkel woord of gezegde is geen dubbele punt nodig. Dan komt het aanhalingsteken vóór de punt, “zo dus”.


Cursief citaat

Een citaat schrijf je nooit cursief (tenzij het een andere taal betreft dan de taal waarin je schrijft).

Aanhalingstekens

Gebruik “dubbele aanhalingstekens”.

  • Dit zijn “dubbele aanhalingstekens”.
  • Dit zijn ‘enkele aanhalingstekens’.

Alleen wanneer er binnen de tekst die je citeert aanhalingstekens staan, gebruik je de andere dan degene die je normaal gebruikt. Dus: als je altijd dubbele aanhalingstekens gebruikt, gebruik je hier enkele.

  • Zoals Smid (2013, p. 17) aangeeft “gaat het hier ‘in principe’ om een voorbeeld”.

 Citaten aanpassen […] 

Bij het citeren van een auteur kan het soms voorkomen dat dat je de tekst op een woord of letter na, nét niet letterlijk kunt overnemen. Je zinnen moeten namelijk altijd grammaticaal correct blijven. Zo kan het zijn, bijvoorbeeld, dat je een zin citeert die in de bron met een hoofdletter begint, maar in jouw tekst doorloopt in een zin.

Bijvoorbeeld:

  • Brown (1999, p. 8) beweert dat ‘Managementsamenvattingen erg handig zijn’.

Dit is niet grammaticaal correct. In dat geval pas je het citaat aan door vierkante haakjes te gebruiken.

 Brown (1999, p. 8) beweert dat “[m]anagementsamenvattingen erg handig zijn”.

Citeren in andere taal

Bij het citeren van een auteur of tekst in dezelfde tekst als de jouwe, citeer je “normaal”, bij het citeren van een andere taal als jouw eigen tekst, doe je dit cursief.

Volgens Johnsson (2014, p. 225) zijn goede bronvermeldingenkey to proper academics”.


Citaten van 40 of meer woorden

Bij citaten die 40 woorden of langer zijn, en zo belangrijk of veelzeggend dat je ze geheel wilt gebruiken (dit komt voor, maar zeldzaam), dan maak je een apart plekje in de tekst.

 Dit doe je zonder aanhalingstekens, uitgelijnd, en met inspringen van beide kantlijnen (dit doe je door de tekst te selecteren, en de liniaal bovenin Word iets te verschuiven). Dit heet een blokcitaat. Hieronder een voorbeeld.

 RUG (2015) zegt het volgende over bronvermelding:

Kenmerkend voor wetenschappelijke teksten is dat er veel bronverwijzingen in staan, in ieder geval in de vorm van een bibliografie, maar ook vaak in de vorm van noten. Die verwijzingen maken deel uit van je inhoudelijke onderbouwing. Ze maken je verhaal ‘harder’. Door te verwijzen maak je het voor je lezers mogelijk om gegevens en meningen die je aanvoert, te staven.


Fout in originele tekst [sic]

[sic]: aan het einde van een citaat, wanneer de originele auteur een spelfout, grammaticale fout of feitelijke fout begaat. Hiermee toon je aan dat je je bewust bent van de fout, en neem je hier afstand van en/of geef je aan dat hier iets niet klopt. Ook sic is Latijn en betekent zo, dus, op deze manier. Ook wel: zo staat het er dus echt!

  • Artikel 10, lid 4 [sic] van de Grondwet stelt dat …


Paginanummers

Bij citaten die slechts in een deel van de bron te vinden zijn (zoals enkel op een paar pagina’s), dien je het paginanummer te vermelden. Dit doe je met de letter “p.” van pagina.

  • Brown (1999, p. 88)

Een enkele pagina vermeld je met één “p.” voor ‘pagina’. Bij meerdere pagina’s wordt dit “pp.”. Voor het vermelden van meerdere pagina’s uit dezelfde bron, gebruik je het verbindingsstreepje en/of komma’s.

  • Brown (1999, p. 5)
  • Brown (1999, pp. 5-8)
  • Brown (1999, pp. 5-8, 15)


 Zinnen samenvoegen […]

Soms wil je twee (onderdelen van) zinnen op verschillende plekken in een bron samenvoegen. Die kun je met vierkante haakjes verbinden.

 [...] geeft aan dat er tussen beide citaten in de originele tekst nog wat anders staat. De lezer weet zo dat jij iets hebt weggelaten.

  • Volgens Brown (1999, p. 2) is “het juist vermelden van bronnen [...] noodzakelijk” voor een goede wetenschappelijke tekst.

Ook kun je vierkante haakjes met je eigen woord of korte tekst ertussen gebruiken, om zinnen te verbinden. Door de vierkante haakjes weet je lezer dat dit jouw tekst is, en dat dit dus niet letterlijk in de bron staat die je citeert.

Dit kun je enkel doen om je tekst te laten “lopen”, je mag de strekking van het citaat hiermee niet wezenlijk veranderen.

  • Volgens Brown (1999, p. 2) is “het juist vermelden van bronnen [middels voetnoten] noodzakelijk” voor een goede wetenschappelijke tekst.